God heeft naties op het oog

Door de hele bijbel heen zit een grote lijn waaruit blijkt dat God een plan heeft voor alle naties en volken van de aarde. In Psalm 2:8 bijvoorbeeld staat “Vraag het mij en ik geef je de volken in bezit, de einden der aarde in eigendom.” (NBV). Hier spreekt de Vader tegen Jezus. In een aantal Engelse vertalingen gaat het niet over bezit, maar over een erfdeel. Jezus heeft dus de volken der aarde als erfdeel.

Om Gods plan met volken en naties te begrijpen moeten we terug naar het begin, de schepping. Toen God alles schiep en de mens maakte, kreeg deze de opdracht om de aarde te vervullen en te bewerken. Adam werd als eerste mens geplaatst in Eden met zijn vrouw Eva. Eden was de perfecte plaats waar Gods aanwezigheid was en van waaruit God regeerde over de aarde. Na de zondeval werd Adam verstoten uit Eden en mocht hij daar niet meer wonen.

God schiep hemel en aarde. God maakte de mens om als aardse familie te regeren namens hem. Ook in de hemel heeft God een ‘familie’ gemaakt om met hem te regeren in de hemelen. Naast de Vader, Jezus, de Heilige Geest en de engelen zijn er nog andere ‘zonen van God’. Deze spelen een belangrijke rol in de geschiedenis van de volken en naties…

Voor veel mensen is dit onbekend, maar er wordt op vele plaatsen in de bijbel gesproken over de ‘zonen van God’ of de ‘goden’.

“God staat in de vergadering van God, Hij oordeelt te midden van de goden” Psalm 82:1

Deze zonen van God die samen de hemelse vergadering van God of de raad der goden vormen, worden onder andere genoemd in genesis 6:2, in verschillende psalmen, in het boek Job, maar ook in Johannes 10:34 vewijst Jezus ernaar.  Zelfs in het sluiten van het verbond met het volk Israel in de woestijn staat er in het eerste deel van de tien woorden van het verbond “U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.” (Exodus 20:2). Als deze andere goden niet zouden bestaan, zou God dit niet hoeven zeggen tegen het volk. Het gaat mij hier nu niet om een volledig theologische verklaring hiervoor weer te geven. Als je daar wel interesse in hebt verwijs ik je naar dit document.

Het gaat mij hier om het bestaan van een raad van goden in de hemel, die blijkbaar wel ‘god’ zijn, maar lager in rang zijn dan God de schepper YAHWEH. Deze zonen van God spelen een belangrijke rol in de wereldgeschiedenis en het plan dat God heeft met de volken en naties.

In genesis 6 zien we dat deze zonen van God zien dat de vrouwen van de mensen mooi waren en deze tot vrouw nemen. De kinderen die uit deze huwelijken geboren worden zijn de reuzen die er toen – en ook nog daarna – waren op aarde. Het is de directe aanleiding voor God om de zondvloed over de aarde te laten komen.

Na de zondvloed komt Noach met zijn gezin uit de ark en krijgt dezelfde opdracht mee als Adam: “wees vruchtbaar, wordt talrijk en vervul de aarde” (Gen 9:1). In de volgende hoofstukken lezen we over de geslachten en volken die ontstaan.

Uiteindelijk komt het tot de torenbouw van Babel naar wat algemeen aangenomen wordt onder leiding van Nimrod. In Genesis 10:8 en 9 wordt van hem geschreven dat hij een ‘geweldig’ jager was voor het aangezicht des Heren. Hier zitten twee opvallende zaken in 1) het woord ‘geweldig’ is hetzelfde woord als waarmee de ‘geweldenaars’ in genesis 6 worden beschreven als kinderen van de zonen van God en 2) de omschrijving ‘voor het aangezicht des Heren’ is dezelfde bewoording als waarmee God tegen het volk Israel zegt dat ze geen andere goden ‘voor zijn aangezicht’ mochten hebben in Exodus 20. Er is dus een duidelijke link naar de zonen van God die rebelleren tegen YAHWEH.

Het plan om de toren van Babel te bouwen gaat niet door omdat God de taal verward om zo de volken over de aarde te verspreiden. In het lied van Mozes na de doortocht door de Schelfzee staat hiernaar een duidelijke verwijzing:

“Toen de Allerhoogste aan de volken het erfelijk bezit uitdeelde, toen Hij Adams kinderen van elkaar scheidde, heeft Hij het grondgebied van de volken vastgesteld overeenkomstig het aantal van de zonen van God. * Want het deel van de HEERE is Zijn volk, Jakob is het gebied dat Zijn eigendom is.” Deuteronomium 32:8-9

God heeft dus aan de volken een deel van de aarde toegewezen en aan het hoofd van ieder volk of natie stond een van de zonen van God… De Here koos voor zichzelf echter Jakob (Israel) als erfdeel.

Dit klinkt misschien wat vreemd als je dit voor het eerst hoort, maar het past helemaal in wat de bijbel leert over de hemelse gewesten. Bijvoorbeeld in Daniel 10 waar het gaat over de ‘vorst van het koninkrijk van Perzie’ die de engel met een boodschap voor Daniel tegenhield. In Efeze 6 spreekt Paulus dat we niet te strijden hebben tegen vlees en bloed maar tegen ‘de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten’.

God koos dus Israel voor zichzelf als erfdeel om zijn verlossingsplan verder uit te werken. Het was echter niet de bedoeling dat de andere volken en naties van de andere goden zouden blijven voor altijd. Dat is waarom in Psalm 2 staat dat Jezus de volken tot erfdeel heeft.

Nadat Jezus is opgestaan heeft hij alle macht in hemel en op aarde ontvangen en de naties als erfdeel. Met bovenstaand verhaal in gedachten, geeft dat een veel diepere lading aan de opdracht die Jezus de discipelen meegeeft voordat hij terug naar de hemel gaat:

“Ga dus op weg en maak ALLE VOLKEN tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.” Mattheus 28:19

Jezus geeft nadrukkelijk aan dat hij zowel alle macht heeft in hemel en op aarde en dat hij met hen zou zijn, en dus met ons. Jezus wist dat de opdracht niet alleen letterlijk het winnen van individuele personen was, maar een diepere strijd is tegen de corrupte zonen van God die over de volken heersen. Deze goden gaan verliezen en zullen uiteindelijk sterven als mensen:

“Ooit heb ik gezegd: “U bent goden, zonen van de Allerhoogste, allemaal.”
Toch zult u sterven als mensen, ten val komen als aardse vorsten.’ Verhef u, God, spreek recht op aarde, alle volken behoren u toe.” Psalm 82:6-8

Wat ik erg bijzonder vind is de duidelijke link tussen de toren van Babel en de uitstorting van de Heilige Geest nadat Jezus naar de hemel is gegaan. Na de torenbouw werd de spraak verward, werden de volken verspreid en kwamen onder heerschappij van andere goden. Tijdens de uitstorting van de Heilige Geest spraken de mensen in tongen zodat iedereen die het hoorde het evangelie kon horen in hun eigen taal! (zie Handelingen 2). De details van het verhaal zijn ook bijzonder. Er staat bijvoorbeeld in vers 5 dat er joden in Jeruzalem waren ‘die afkomstig waren uit ieder volk op aarde’.

Kortom, de grote opdracht die Jezus de discipelen meegaf en die nog steeds voor ons geldt is om mee te werken aan het grote plan van God om uiteindelijk alle volken en naties weer terug te brengen tot Hem.

 

* in de meeste bijbelvertalingen staat hier ‘zonen van Israel’. In de oudere teksten van de dode zee rollen die later zijn gevonden staat echter ‘zonen van God’. Hier vind je meer uitleg hierover.

Voor meer details en achtergrond over dit onderwerp zie het werk van dr. Michael Heiser op www.thedivinecouncil.com